De titel ‘arbiter’ van de Arbiter Bodembeweging is onjuist en misleidend. Als de NAM traineert, moet de gedupeerde alsnog naar de rechter.

‘De arbiter Bodembeweging, onderdeel van het instrumentarium van de Nationaal Coördinator Groningen, beslecht op een onafhankelijke, laagdrempelige manier geschillen over aardbevingsschade in het gaswinningsgebied in de provincie Groningen.’

Als geen overeenstemming bereikt wordt over de schade, kan de Arbiter Bodembeweging worden ingeschakeld. De arbiter doet een uitspraak waar de NAM zich in beginsel aan verbindt. Als de eigenaar het niet eens is met de uitspraak van de arbiter, kan de zaak door de eigenaar worden voorgelegd aan de gewone rechter”. Aldus de tekst op de website van de Nationaal Coördinator Groningen.

Besluit

De Arbiter Bodembeweging is ingesteld bij besluit van de minister van Economische Zaken van 12 april 2017. In dat besluit lezen we dat de arbiters alle (voormalig) rechter zijn en benoemd worden door de minister EZ op voordracht van de Raad voor de Rechtspraak, het bestuursorgaan van de rechterlijke macht. Hun bezoldiging geschiedt volgens het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren. De Arbiter Bodembeweging is, kortom, een door de rijksoverheid in het leven geroepen instituut tot schadeafhandeling ten behoeve van gedupeerden in Groningen.

Het feitelijk verloop van de arbitrage is geregeld in een drietal reglementen, van toepassing al naar gelang de datum van de schademelding. Tussen de reglementen zijn kleine verschillen, die hier niet van belang zijn. Zaken konden tot 1 september 2018 worden aangemeld. Voor zaken na die datum geldt een nieuwe regeling.

Het is net echt

Het Reglement – ik baseer mij op Reglement 3 – definieert de Arbiter Bodembeweging als een ‘onafhankelijke adviseur geschilbeslechting’, die in een ‘uitspraak’ zijn oordeel geeft over de oorzaak en vergoeding van schade door bodembeweging. In zo’n uitspraak kan de NAM worden ‘veroordeeld’ tot betaling van een bedrag als schadevergoeding, kan de eigenaar ten aanzien van bepaalde claims ‘niet ontvankelijk’ worden verklaard en kunnen vorderingen worden ‘afgewezen‘. Dit zijn allemaal vaktermen die wijzen op een uitspraak door een rechter of arbiter. Opmerking verdient daarbij dat ook de lay-out, de indeling en zelfs het gebruikte lettertype van de uitspraak geheel overeen stemmen met gewone rechterlijke uitspraken. Het is net echt.

Niet echt

Maar de Arbiter Bodembeweging is geen echte arbiter. Uitgangspunt van deze ‘arbitrage’ is dat de eiser die schade bij de NAM claimt, formeel niet aan de uitspraak gebonden is. Hij kan naar de gewone rechter wanneer hij over de uitspraak van de arbiter niet tevreden is. De NAM is evenmin aan de uitspraak gebonden, maar heeft verklaard zich er in beginsel aan te houden. Voor zover ik de praktijk overzie, berust de NAM inderdaad nagenoeg steeds in de uitspraken, maar ontstaan bij de afwikkeling gemakkelijk discussies die weer tot vertraging en complicaties leiden. Dan zou het goed zijn wanneer de eigenaar nakoming van de uitspraak desnoods via de deurwaarder zou kunnen afdwingen. Uit een vonnis van de rechtbank in Groningen van begin vorige week blijkt dat dit niet kan. In deze zaak was de NAM veroordeeld tot betaling van een aanzienlijk schadebedrag, maar stelde aan de uitbetaling voorwaarden waarover bij de arbiter niet zou zijn gesproken en waarover de arbiter zich niet had uitgelaten.

Deurwaarder

De rechter was van oordeel – terecht naar mijn mening – dat alleen uitspraken van echte arbiters via de deurwaarder ten uitvoer gelegd kunnen worden. Omdat de eigenaar noch de NAM formeel aan de uitspraken van de Arbiter Bodembeweging gebonden zijn, is deze ‘arbiter’ helemaal geen arbiter. De NAM kan de uitvoering van uitspraken van de Arbiter Bodembeweging dus bemoeilijken zonder dat zij voor de komst van de deurwaarder hoeft te vrezen. Dat is onbevredigend, omdat de eigenaar dan toch naar de gewone rechter moet hoewel hij van de Arbiter Bodembeweging een schadevergoeding toegewezen heeft gekregen. Een voorbeeld van dit ‘bemoeilijken’ dat de NAM standaard toepast niet gebaseerd op de arbitragereglementen is het stellen van de voorwaarde (voor uitbetaling van het bedrag waartoe de Arbiter Bodembeweging de NAM onvoorwaardelijk heeft veroordeeld) dat de eigenaar de NAM finale kwijting verleent. Daarmee plaatst de NAM de eigenaar die minder heeft gekregen dan zijn claim voor de keuze: nu geld of je gaat maar naar de (echte) rechter en dan kun je in de tussentijd op je geld wachten.

Het is jammer en in feite misleidend dat de minister EZ de “Arbiter Bodembeweging”, hoewel geen arbiter, met die naam heeft gesierd.

Mr. R. Ludding is advocaat in Leiden en staan enkele gedupeerden van de bodembeweging in Groningen bij.