Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Vastgoed, Overheid & Notariaat

Stelen grond ook na verjaring niet ongestraft

22 maart 2017 - 2 minuten leestijd

Het gebeurt regelmatig dat iemand een strook grond in bezit neemt dat niet van hem is. Na verloop van twintig jaar verjaart de vordering van de oorspronkelijke eigenaar om een einde te maken aan deze inbezitneming. De grond krijgt zodoende een nieuwe eigenaar. Dit geldt ook wanneer de grond bewust is ‘gestolen’.

Vaak wordt gedacht dat de voormalige eigenaar dan met lege handen staat. De Hoge Raad benadrukt in zijn arrest van 24 februari 2017 dat dit niet zo is. Er kan namelijk na verjaring nog een vordering uit onrechtmatige daad worden ingesteld. In dit artikel zal dit worden besproken aan de hand van de casus die tot genoemd arrest heeft geleid.

Feiten

Sinds 1973 heeft een grondeigenaar een woning met perceel in de gemeente Drunen. Aansluitend aan dit perceel ligt een stuk grond dat eigendom is van de gemeente. De grondeigenaar heeft op enig moment een deel van de aangrenzende grond van de gemeente in bezit genomen.

In 2013 is de gemeente van plan om werkzaamheden op haar grond uit te voeren waaronder de strook grond die door de grondeigenaar in gebruik is genomen. De grondeigenaar werkt hier echter niet aan mee, omdat hij van mening is als bezitter inmiddels eigenaar van de grond te zijn geworden. Hij vordert daarom van de gemeente om medewerking te verlenen aan het notarieel vastleggen van die verkrijging. De gemeente is het hier niet mee eens en vordert ontruiming van de strook en een verbod die nog te gebruiken of te betreden.

Oordeel

In eerdere instanties is geoordeeld dat de bezitter door bevrijdende verjaring eigenaar van de grond is geworden, aangezien hij de grond al meer dan twintig jaar bezit. In cassatie heeft de gemeente daartegen aangevoerd dat er geen sprake kan zijn van eigendomsoverdracht omdat de gemeente niet eerder op de hoogte was dat de grond in bezit was genomen. De Hoge Raad gaat hier niet in mee, omdat voor verjaring slechts is vereist dat de inbezitneming naar buiten toe voldoende kenbaar is geweest. Dat de gemeente niet daadwerkelijk kennis hiervan heeft genomen, doet niet ter zake.

Interessant voor de rechtspraktijk is echter niet zozeer deze overweging van de Hoge Raad, maar hetgeen hij ten overvloede aan het einde van het arrest aan partijen mee geeft.

Vordering uit onrechtmatige daad

De Hoge Raad overweegt, volgens hemzelf ten overvloede, dat de voormalig eigenaar na de verjaring niet met lege handen staat. Door de grond in bezit te nemen en te houden, wetende dat een ander daarvan eigenaar is, handelt de verkrijger namelijk onrechtmatig tegenover die eigenaar. Deze voormalige eigenaar kan op grond daarvan een schadevergoeding vorderen. De schadevergoeding hoeft niet in geld maar kan ook in natura worden voldaan, namelijk door de grond terug te leveren aan de voormalige eigenaar.

De voormalige eigenaar heeft overigens na zijn eigendomsverlies maximaal twintig jaar (of vijf jaar nadat hij op de hoogte is van het eigendomsverlies) de tijd om de schade door de verkrijger vergoed te krijgen. De Hoge Raad merkt hier tot slot bij op dat in de regel geen sprake zal zijn van eigen schuld, wanneer de voormalige eigenaar geen periodieke inspecties heeft gedaan. Twintig jaar stilzitten na een onrechtmatige inbezitneming, betekent dus niet dat de voormalige eigenaar zijn grond hoe dan ook kwijt is.

Dylan Helmich & Simon Olierook

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?