Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
IT, IE & Privacy

Een interieurdesign als auteursrechtelijk beschermd werk

Teun Pouw

9 september 2019 - 3 minuten leestijd

Als we denken aan de Apple Store dan zien we gelijk een beeld voor ons. Een winkelinrichting kan een belangrijke manier zijn om herkenning te veroorzaken bij consumenten. De winkelinrichting van de Apple flagship store is zelfs als merk gedeponeerd. Het Europese Hof van Justitie heeft naar aanleiding van dit merkdepot bepaald dat een winkelinrichting inderdaad een geldig merk kan zijn[1]. Shoebaloo heeft onlangs getracht om via een lagere drempel, het auteursrecht, bescherming toe te kennen aan haar interieurdesign. En met succes.

MVSA en Shoebaloo versus Invert

De schoenenwinkel Shoebaloo, onder andere bekend uit Amsterdam, heeft onlangs de winkel Invert voor de rechter gedaagd. Dit deed zij tezamen met de ontwerper van haar winkelinterieur MVSA. Deze laatste partij is de auteursrechthebbende. Ze beschuldigden Invert van auteursrechtinbreuk en slaafse nabootsing. De winkel uit België had in een foto op instagram haar interieur openbaar gemaakt. Deze vertoonde volgens Shoebaloo en MVSA zodanige overeenkomsten dat er sprake zou zijn van auteursrechtinbreuk en slaafse nabootsing. Beide interieurs waren namelijk gebaseerd op de Amerikaanse Antelope Canyons.

Auteursrechtinbreuk

De eerste vraag die hier dient te worden gesteld is of het interieur van Shoebaloo een auteursrechtelijk beschermd werk is. Hiervoor dient sprake te zijn van een werk van letterkunde, wetenschap of kunst, dat voldoende nauwkeurig en objectief kan worden geïdentificeerd. Volgens de rechtbank is dit het geval aangezien de inrichting een op zichzelf staand ontwerp betreft. De wandinrichting kan, los van het plafond en de vloer, objectief worden geïdentificeerd en daarvan worden afgebakend. Als verdere vereiste dient er sprake te zijn van een voortbrengsel dat als ‘oorspronkelijk’ kan worden aangemerkt. Dit betekent dat het een eigen intellectuele schepping van de maker moet zijn, die de persoonlijkheid van de maker weerspiegelt en tot uiting komt door de vrije creatieve keuzes van de maker bij de totstandkoming van het werk. De rechtbank kijkt daarbij onder andere naar de uit lagen opgebouwde, golvende wandpanelen. Invert brengt daar vervolgens nog tegenin dat het winkelinterieurontwerp geen eigen en oorspronkelijk karakter heeft omdat in het ‘vormgevingserfgoed’ (de reeds bestaande winkelinterieuren in de markt) de meeste elementen al voorkomen. Hier gaat de rechtbank echter niet in mee. Zij is van oordeel dat uit het vormgevingserfgoed niet kan worden afgeleid dat MVSA uitsluitend bestaande stijlen en gangbare vormen heeft verwerkt in het interieur van Shoebaloo.

Vervolgens gaat de rechtbank na of er sprake is van inbreuk. Aangezien de rechtbank geconstateerd heeft dat er sprake is van een auteursrechtelijk beschermd werk, heeft enkel MVSA het recht om het werk (volledig of gedeeltelijk) te reproduceren en kan zij die reproductie door een ander toestaan of verbieden. De rechtbank oordeelt dat er een zodanige overeenstemming is tussen de twee interieurs, dat er sprake is van ongeoorloofde reproductie in auteursrechtelijke zin. De aangeleverde afbeeldingen brengen volgens de rechtbank mee dat het interieur van Invert de meest kenmerkende elementen vertoont van het ontwerp van MVSA voor Shoebaloo.

Slaafse nabootsing

Een beroep op slaafse nabootsing komt volgens de rechter niet toe aan Shoebaloo. Bij slaafse nabootsing gaat het namelijk om de bescherming van een marktdeelnemer tegen een nabootsing van zijn producten die de consument zal kunnen verwarren met het nagebootste product. Aangezien Shoebaloo schoenen verkoopt en verder o.a. onvoldoende heeft toegelicht waarom het interieur zelf een eigen gezicht op de relevante markt heeft, gaat deze vlieger niet op. Met het geslaagde beroep op het auteursrecht heeft zij echter haar doel al bereikt.

Als gevolg hiervan dient Invert haar interieur te wijzigen op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 5.000,- en voldoening van een schadevergoeding van € 10.000,- plus de proceskosten. Invert kan nog in hoger beroep

Teun Pouw
Advocaat IE-/IT-recht en BMM-merkengemachtigde

Met dank aan Sophia Senteur

[1] HvJEU 10 juli 2014, C-421/13, Apple/DPMA

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?