Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Overzicht Delen
Arbeid, Medezeggenschap & PensioenCorona

(On)mogelijkheid van een COVID-vaccinatieplicht? Uitspraak EHRM zet deur op een kier

Renée Huijsmans

21 april 2021 - 3 minuten leestijd

Het Europees Hof voor de rechten van de mens heeft op 8 april 2021 in de zaak  ‘Vavricka and others versus the Czech Republic’ geoordeeld dat de verplichting om kinderen te laten vaccineren een toelaatbare inbreuk maakt op artikel 8 EVRM. Het hof meende dat vanwege het gezondheidsrisico en het belang van bescherming van kleine kinderen een nationale vaccinatieplicht was gerechtvaardigd. In deze zaak ging het echter niet om een COVID-vaccinatie maar om een in Tsjechië geldende verplichting om kinderen voor een aantal ziektes te vaccineren. Wel biedt deze uitspraak een aantal elementen die interessant zijn in de discussie of de Nederlandse overheid haar inwoners mag verplichten zich tegen COVID-19 te vaccineren.

Artikel 8 EVRM (‘right to respect for family life’) beoogt het recht op eerbiediging van privéleven, familie- en gezinsleven te waarborgen. Een dergelijk grondrecht is echter niet zo absoluut dat dit op geen enkele wijze kan worden ingeperkt. Dat is alleen mogelijk onder strikte voorwaarden. Zo moeten de beperkingen zijn voorzien bij wet, een legitiem doel nastreven en noodzakelijk en proportioneel zijn in een democratische samenleving. Het EHRM oordeelde dat in dit geval aan deze voorwaarden was voldaan.

Tsjechië is een van de landen in Europa, waarin één of meer vaccinaties verplicht gesteld zijn. Dat kan op grond van een algemene verplichting of een verplichting in relatie tot toegang tot school of kinderopvang. In dit geval was de tweede situatie aan de orde en hadden een aantal ouders in Tsjechië die kun kinderen niet lieten vaccineren een boete gekregen en waren de niet gevaccineerde kinderen niet welkom op een kleuterschool. Het EHRM oordeelde vervolgens dat de vaccinatieverplichting een legitiem doel nastreefde en noodzakelijk en proportioneel was in een democratische samenleving. De Tsjechische autoriteiten stelden de belangen van de kinderen, die moeten worden beschermd tegen ernstige ziektes, door vaccinatie of door groepsimmuniteit, voorop. Het belang van de volksgezondheid, de veiligheid van de bevolking en het bereiken van groepsimmuniteit via het vaccinatieprogramma rechtvaardigden volgens het Hof een inbreuk op de mensenrechten in een democratische samenleving. Dit is overigens ook in lijn met de op de Europese overheden rustende verplichting om het recht op leven (art. 2 EVRM) en het recht op gezondheid (art. 12 IVESCR) te beschermen.

Deze uitspraak heeft, zoals begrijpelijk, in Europa en ook in Nederland tot veel discussie geleid. De aspecten die in deze uitspraak aan de orde komen, zijn immers relevant in de discussie of overheden hun burgers kunnen verplichten zich tegen Covid-19 te laten vaccineren.

Ook Nederland is partij bij het EVRM en dient deze bepaling daarmee te respecteren. Daarnaast zijn in onze grondwet een aantal artikelen opgenomen, zoals ‘eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer’ (art. 10 GW), ‘onaantastbaarheid van het menselijk lichaam’ (art. 11 Grondwet en artikel 7:450 Burgerlijk Wetboek) en de ‘vrijheid van godsdienst en levensovertuiging’ (artikel 9 EVRM, artikel 6 Grondwet), die aan een vaccinatieverplichting in de weg staan. In ons eerdere blog ‘Verplichte coronavaccinatie op straffe van ontslag. Mag dat?’ is ook toegelicht dat deze grondrechten niet zo absoluut zijn dat er geen enkele inbreuk op mag worden gemaakt. Ook in ons land geldt dat een inbreuk op een grondrecht alleen gerechtvaardigd is als de beperking voortkomt uit een wettelijke basis, een legitiem doel nastreeft en noodzakelijk en proportioneel is in een democratische samenleving.

Vooralsnog bestaat er in Nederland geen wettelijke regeling tot vaccinatie, zodat aan dit criterium (nog) niet is voldaan.

Het Nederlandse College voor de rechten van de mens wijst er onder meer op dat een inbreuk op een grondrecht gerechtvaardigd kan zijn als dit bijvoorbeeld strekt tot bescherming van de volksgezondheid. Ook onze Rijksoverheid wijst, net als de Tsjechische overheid, op de veiligheid van de generale bevolking en efficiëntie van een vaccinatieprogramma: “Een vaccinatie beschermt niet alleen uzelf, maar ook de mensen om u heen.” Tegelijkertijd hebben wij in Nederland het beginsel van ‘vrijheid van godsdienst en levensovertuiging’ hoog in het vaandel staan en een strijd tussen botsende grondrechten is niet eenvoudig te beslechten.

Het is dan ook de vraag of Tsjechië, een van de Europees landen die al een vorm van wettelijke verplichte vaccinatie kent, als voorbeeld voor Nederland kan dienen, dit temeer nu in deze landen, met name landen in Oost-Europa, sprake is van een andere politieke en maatschappelijke context dan in Nederland.

Wij houden u op de hoogte!

Renée Huijsmans advocaat advocaat Arbeid, Medezeggenschap & Pensioen en Barbara van Dam-Keuken Paralegal Arbeid, Medezeggenschap & Pensioen

Ook interessant?