Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Tuchtrecht

Neem verantwoordelijkheid voor gemaakte beroepsfout

Vera Balvers

8 december 2020 - 2 minuten leestijd

Beroepsfout gemaakt? Maak je dan niet schuldig aan struisvogelpolitiek. De tuchtrechter houdt bij het geven van een tuchtrechtelijk oordeel doorgaans rekening met de opstelling van de beroepsbeoefenaar na het maken van de fout en de proceshouding in een tuchtprocedure. Zo blijkt maar weer uit een recente uitspraak van de raad van discipline ‘s-Hertogenbosch (ECLI:NL:TADRSHE:2020:103).

De raad van discipline overwoog in de hiervoor genoemde uitspraak van 7 december 2020 in rechtsoverweging 7.3 dat verweerder alles in het werk had gesteld wat op het moment van het ontdekken van de beroepsfout van hem verwacht kon worden om de nadelige gevolgen voor klaagster te beperken. Daarin ziet de raad aanleiding om geen proceskostenveroordeling op te leggen:

“7.3    De raad ziet in de opstelling van verweerder in de aanloop naar en tijdens de tuchtrechtprocedure aanleiding om verweerder niet te veroordelen in de kosten van de Nederlandse Orde van Advocaten en de Staat. Verweerder heeft, hoewel klaagster niet had voldaan aan zijn verzoek de door haar ontvangen beschikking aan hem te doen toekomen, direct toen bleek dat hij niet tijdig bezwaar had ingesteld tegen de beschikking van 6 mei 2019, de volle verantwoordelijkheid daarvoor op zich genomen en de schadeclaim bij zijn beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar gemeld. Verweerder heeft alles in het werk gesteld wat op dat moment van hem verwacht kon worden om de nadelige gevolgen voor klaagster te beperken. Dat de verzekeraar van klager heeft geoordeeld dat er geen sprake was van gelden schade omdat het bezwaar geen kans van slagen zou hebben gehad, maakt dit niet anders.”

Ondanks dat verweerder in dit geval een bezwaartermijn ongebruikt had laten verstrijken en daarvoor een waarschuwing kreeg opgelegd, wordt hij dus niet veroordeeld in de proceskosten. Dat de beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar van verweerder geen schadevergoeding wilde uitkeren aan klaagster, betekent verder niet dat vervolgens op verweerder een verplichting rust om over te gaan tot betaling van eens schadevergoeding. Net als de verzekeraar was verweerder van oordeel dat een bezwaar geen kans van slagen zou hebben gehad en dat klaagster daarom door het niet instellen van bezwaar geen schade heeft geleden.

De wijze les die uit deze uitspraak kan worden getrokken, is dat wegkijken meestal niet zinvol is. Een beroepsbeoefenaar doet er bij het maken van een beroepsfout – of het vermoeden daarvan – verstandig aan dit onder ogen te zien en daarvoor verantwoordelijkheid te nemen. Dat kan in ieder geval een veroordeling in de proceskosten schelen.

Het contrast van het niet nemen van verantwoordelijkheid voor een gemaakte beroepsfout is goed te zien in bijvoorbeeld een uitspraak van dezelfde raad van discipline ‘s-Hertogenbosch van 31 augustus 2020 (ECLI:NL:TADRSHE:2020:62). Daar had verweerder klaagster in de waan gelaten een juridische procedure te hebben opgestart. Dat was dus niet zo. Naast een (gedeeltelijke) gegrondverklaring van de klacht veroordeelde de raad verweerder daar wel in de proceskosten. Als verweerder zijn fout had onderkend, had ook deze procedure wat betreft de proceskosten mogelijk een andere uitkomst gehad.

Heeft u een beroepsfout gemaakt en wilt u weten welke stappen u het beste kunt zetten? Neem gerust contact op voor overleg met Vera Balvers, advocaat Tucht- en klachtrecht.

Ook interessant?