Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Vastgoed, Overheid & Notariaat

Het voorkeursrecht van de gemeente: vijf belangrijke vragen en antwoorden

Alwin Farahani

21 april 2020 - 2 minuten leestijd

Als eigenaar van een perceel kunt u op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) worden verplicht uw grond bij verkoop eerst aan de gemeente aan te bieden. Dit kan voor u een doorn in het oog zijn; in die situatie kunt u immers niet vrijelijk beschikken over het perceel. In dat verband kunnen bij u verschillende vragen rijzen over de mogelijkheden die u ten dienste staan om uw perceel te exploiteren. In deze blog zullen wij enkele prangende vragen van perceeleigenaars uit de praktijk beantwoorden.

 

  1. Hoe lang rust het voorkeursrecht van de gemeente op mijn perceel?

Uit de Wvg vloeien verschillende termijnen voort voor het bestaan van een voorkeursrecht. Dit is afhankelijk van het soort aanwijzing dat uw perceel van de gemeente heeft gekregen, en de wijze waarop het voorkeursrecht tot stand is gekomen. Uitgangspunt is dat het voorkeursrecht in de regel na tien jaar komt te vervallen. Er zijn echter afwijkende termijnen opgenomen in de Wvg, afhankelijk van uw concrete situatie. In dergelijke gevallen vervalt het voorkeursrecht van de gemeente na drie jaar.

 

  1. Kan de gemeente het voorkeursrecht verlengen?

Het voorkeursrecht eindigt van rechtswege en kan in beginsel niet (direct) door de gemeente worden verlengd. Wel kan de gemeente, na verloop van twee jaren na het eindigen van het initiële voorkeursrecht, een hernieuwd voorkeursrecht op het perceel vestigen.

 

  1. Staat het voorkeursrecht in de weg van zelfrealisatie door mij als eigenaar?

Het voorkeursrecht geldt alleen bij verkoop van het perceel. In de Wvg wordt nergens vermeld dat zelfrealisatie van de grondeigenaar zonder verkoop niet mogelijk is. De Wvg strekt zich daarmee dus uit tot verkoop van de grond aan een derde. Er bestaat voor u dus geen belemmering om zelf een plan te exploiteren op de eigen grond.

 

  1. Wat als ik mijn grond aan een derde verkoop, zonder het eerst aan de gemeente aan te bieden?

Wordt, in strijd met het voorkeursrecht van de gemeente, toch een stuk grond aan een derde verkocht, dan kan de gemeente op grond van de Wvg de nietigheid van deze rechtshandeling inroepen. Hierbij gaat het om rechtshandelingen die zijn verricht met de kennelijke strekking afbreuk te doen aan de in de Wvg geregelde voorkeurspositie van de gemeente. Denkbaar is dus ook dat bijvoorbeeld samenwerkingsovereenkomsten nietig zijn, wanneer deze de kennelijke strekking hebben afbreuk te doen aan de voorkeurspositie van de gemeente.

 

  1. Kunnen de huidige regels nog veranderen?

Jazeker. Sterker nog, het wetsvoorstel Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet is op 10 maart 2020 door de Eerste Kamer aangenomen. Met de komst van deze nieuwe wet zal de huidige Wvg komen te vervallen. Desalniettemin zijn de regels met betrekking tot het voorkeursrecht van de gemeente in de nieuwe wet in grote lijnen hetzelfde. Hoe uw situatie er onder de huidige Wvg en – binnenkort – onder de nieuwe Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet uitziet, brengen wij graag voor u in kaart.

 

Voor meer vragen over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Alwin Farahani of één van onze andere specialisten van het team Vastgoed, Overheid & Notariaat.

Ook interessant?