Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Ondernemingsrecht

Geschil na bedrijfsovername: naar de Ondernemingskamer?

Tim de Vries

8 november 2019 - 2 minuten leestijd

Tussen een koper en een verkoper van een bedrijf in lederproducten ontstaat een geschil over een geschonden garantie. De kopende partij wendt zich tot de Ondernemingskamer met het verzoek een enquêteprocedure te starten (ECLI:NL:GHAMS:2019:3262).

Wat is er gebeurd?

De kopende partij vindt dat zij door de verkoper onjuist is voorgelicht tijdens de onderhandelingen over de overname. Kort samengevat is de koper van mening dat de in de boekhouding vermelde waarde van de voorraad te hoog was. Volgens de koper was de incourante voorraad te hoog gewaardeerd en waren onjuiste fysieke tellingen van halffabricaten verricht. In de koopovereenkomst heeft de verkoper de garantie afgegeven dat de voorraden getrouw waren gewaardeerd. Nu dat niet zo blijkt te zijn, heeft ede verkoper een garantie geschonden en dient zij de schade te vergoeden, aldus de koper. De verkoper is het hier niet mee eens.

Enquêteprocedure

De koper gaat naar de Ondernemingskamer. Zij stelt dat sprake is van een geraffineerd systeem van manipulatie van de boekhouding. Daarom zijn er volgens de koper gegronde redenen voor twijfel aan een juist beleid en juiste gang van zaken binnen de vennootschap. Zij verzoekt de Ondernemingskamer om een deskundige te benoemen, die onderzoek zal doen naar het beleid en de gang van zaken. Dit is een zogenoemde enquêteprocedure (art. 2:345 BW). Deze procedure wordt doorgaans ingesteld om conflicten en geschillen binnen een vennootschap te onderzoeken en herstellen, om openheid van zaken te krijgen of om misstanden aan het licht te brengen. De Ondernemingskamer heeft verschillende bevoegdheden en kan bijvoorbeeld bestuurders ontslaan en benoemen of bepaalde besluiten vernietigen.

Volgens de verkoper is sprake van een zuiver vermogensrechtelijk geschil dat niet raakt aan de positie van de vennootschap en het functioneren van haar organen. Een enquêteprocedure is daarom niet de aangewezen route.

Wat zegt de Ondernemingskamer?

De Ondernemingskamer gaat mee in het betoog van de verkoper. Zij is van mening dat de kern van de zaak een geschil over de nakoming van de koopovereenkomst betreft. Een onderzoek naar de feitelijke achtergrond van een dergelijk geschil van vermogensrechtelijke aard behoort in beginsel niet tot de doeleinden van het enquêterecht. Dit is slechts anders indien het vermogensrechtelijke geschil ook de positie van de vennootschap en het functioneren van haar organen raakt. Dat zou bijvoorbeeld het geval kunnen zijn als inderdaad sprake is van een geraffineerd systeem van manipulatie van de boekhouding. Dat dit laatste het geval is, is door de koper echter onvoldoende aannemelijk gemaakt.

De slotsom is dat het verzoek om een enquêteprocedure wordt afgewezen. Wellicht kan de koper zich nog tot de gewone burgerlijke rechter wenden om haar schade te verhalen.

Heeft u vragen? Neem contact op met Tim de Vries, advocaat ondernemingsrecht

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?