Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
AlgemeenOndernemingsrechtVastgoed, Overheid & Notariaat

Bewijsrecht: vervalste handtekening?

Menno de Wijs

17 mei 2019 - 1 minuut leestijd

Stel u wordt geconfronteerd met een handtekening op een offerte en het verzoek om tot betaling over te gaan. De handtekening is echter niet van u. Op wie rust de bewijslast?

Recent heeft de Hoge Raad deze vraag beantwoord (klik) in een zaak waarin een aannemer zich op het standpunt stelde dat zijn meerwerkoverzicht was ondertekend door zijn opdrachtgever. De opdrachtgever stelde echter dat de handtekening was vervalst en weigerde betaling.

Ik zal u niet vermoeien met een uitvoerige uiteenzetting van de feiten in deze kwestie en de overwegingen van de rechtbank en het hof. Kern is dat het hof meende dat de opdrachtgever onvoldoende had onderbouwd dat de opdrachtgever niet zijn handtekening op het meerwerkoverzicht had gezet. De Hoge Raad denkt daar terecht anders over.

De Hoge Raad overweegt dat een meerwerkoverzicht kwalificeert als een ‘onderhandse akte’. Een dergelijk document dat door partijen zelf is opgesteld heeft tot gevolg dat – zolang niet is bewezen van wie de handtekening afkomstig is – aan het document geen enkele bewijskracht toekomt. De partij die zich met de onbekende handtekening geconfronteerd ziet hoeft slechts stellig te ontkennen dat de handtekening van hem is (ex artikel 159 lid 2 Rv). De ontkenner hoeft dan ook geen onderbouwing van zijn ontkenning te geven, aldus de Hoge Raad (in rechtsoverweging 3.3.2). In deze kwestie moet de aannemer dus bewijzen dat de handtekening op het meerwerkoverzicht daadwerkelijk van zijn opdrachtgever is.

Menno de Wijs, advocaat

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?