Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Arbeid, Medezeggenschap & Pensioen

Misvatting over aangepaste Wet melding collectief ontslag

11 januari 2012 - 2 minuten leestijd

In het Financieele Dagblad van 3 januari 2012 stond een artikel over de Wet Melding Collectief Ontslag (WMCO), die per 1 maart 2012 wordt aangepast.  Een aantal aanvullende opmerkingen bij dit artikel is op zijn plaats.

Allereerst zou het artikel de indruk kunnen wekken dat het melden van het ontslag van 20 of meer werknemers bij UWV en vakbonden, een geheel nieuwe verplichting is. Het “enige” nieuwe is echter dat per 1 maart a.s. beëindigingen met wederzijds goedvinden (via een beëindigings- of vaststellingsovereenkomst) ook meetellen. Overigens zijn er in de praktijk genoeg bedrijven die dat al deden.

Uit de toelichting bij de aangepaste wet blijkt dat vooral de toename van beëindigingsovereenkomsten (naar aanleiding van de wijziging van de WW in oktober 2006) aanleiding is geweest voor de wijziging. De aanpassing is dus niet zozeer veroorzaakt doordat werkgevers de WMCO zouden omzeilen, zoals opgemerkt in het artikel. Eind 2009 was daar in ieder geval geen sprake van, aldus de regering. Met deze opmerking wordt dan ook een wat negatief beeld geschetst van werkgevers, al zijn er uiteraard bedrijven die – bij het uitblijven van een versoepeling van het ontslagrecht – gebruik maken van de mogelijkheden die de oude WMCO bood.

Verder leidt het artikel mogelijk tot verwarring door gebruik te maken van de term “boete”. Deze zou tot vele tonnen kunnen oplopen. Er is echter geen boetebepaling opgenomen in de WMCO.

Oplettendheid is wel geboden voor werkgevers: het niet naleven van de verplichtingen uit de aangepaste WMCO kan financiële gevolgen hebben. Daarvoor is allereerst nodig dat de werknemer binnen zes maanden de vernietiging van het ontslag inroept. Indien dat beroep terecht is, dan is de werkgever met terugwerkende kracht vanaf de ontslagdatum het salaris verschuldigd. In de wet is geregeld dat als de werkgever het loon te laat betaalt, hij een “wettelijke verhoging” verschuldigd is. Deze kan oplopen tot maximaal 50%. De rechter kan deze verhoging echter matigen, hetgeen in de praktijk vaak gebeurt.
We moeten afwachten hoe rechters om zullen gaan met deze wettelijke verhoging. In ieder geval lijkt het op zijn plaats de in het artikel genoemde “boetes van vele tonnen” te nuanceren. Van zo’n groot financieel nadeel zal alleen sprake zijn als de WMCO wordt geschonden ten aanzien van een hele grote groep werknemers, die ook nog eens op een heel laat moment de vernietiging inroept.

Sashil Durve, Advocaat/Partner

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?