Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Aanbestedingsrecht

Grensbedragen voor aanbestedingsprocedures onder de Europese drempelwaarde wijzigen

Per van der Kooi

27 augustus 2015 - 2 minuten leestijd

Leveringen en diensten met een waarde van meer dan € 134.000,- moeten door de centrale overheid Europees worden aanbesteed. Voor decentrale overheden geldt dat voor leveringen en diensten met een waarde van meer dan € 207.000,-. Werken moeten Europees worden aanbesteed indien de waarde daarvan meer dan € 5.186.000,- bedraagt.

In de Aanbestedingswet 2012 is een aantal procedures genoemd volgens welke opdrachten met een lagere waarde in de markt kunnen worden gezet: de nationale procedure, de meervoudig onderhandse procedure en de enkelvoudig onderhandse procedure.

In de Gids Proportionaliteit, die onder de Aanbestedingswet ‘hangt’, is bepaald dat bij het vaststellen welke procedure geschikt en proportioneel is, onder andere moet worden gekeken naar de omvang van de opdracht, de transactiekosten voor inschrijvers en de aanbestedende dienst, het aantal potentiële inschrijvers en de complexiteit van de opdracht. Bij ‘kleine opdrachten’ zullen de kosten die potentiële inschrijvers en de aanbestedende dienst moeten maken al snel niet in verhouding staan tot het voordeel dat kan worden behaald indien een opdracht in concurrentie in de markt wordt gezet. Kleine opdrachten mogen daarom onderhands, één-op-één worden gegund.

Wanneer is nu sprake van een kleine opdracht? In de Gids Proportionaliteit wordt bij een kleine opdracht voor leveringen en diensten gedacht aan een opdracht met een waarde van € 40.000,- à 50.000,-, voor werken is daarvan sprake indien de waarde minder dan € 150.000,- beloopt. In verband hiermee en om duidelijkheid te scheppen, heeft de Rijksoverheid eerder besloten opdrachten met een waarde tot € 50.000,- onderhands te gunnen. Opdrachten met een waarde boven de € 50.000,- worden meervoudig onderhands gegund.

Per 1 september 2015 treedt een nieuwe circulaire in werking. Vanaf die datum kunnen opdrachten voor leveringen en diensten met een waarde tot € 33.000,- één-op-één worden gegund. Opdrachten boven de € 50.000,- worden onveranderd meervoudig onderhands gegund. Voor opdrachten met een waarde tussen de 33.000,- en de 50.000,- moet voortaan op basis van de in de Gids Proportionaliteit genoemde criteria worden afgewogen of de opdracht enkelvoudig of meervoudig onderhands wordt gegund. Deze afweging moet in het inkoopdossier worden vastgelegd en, desgevraagd, aan inschrijvers worden verstrekt.

Per van der Kooi, advocaat aanbestedingsrecht

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?