Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Vastgoed, Overheid & Notariaat

Beëindiging van de huurovereenkomst gekoppeld aan de duur van de vergunning conform de Leegstandswet

Marloes Noordam

15 december 2014 - 2 minuten leestijd

Op basis van de Leegstandwet kan woonruimte op tijdelijke basis worden verhuurd. Bijvoorbeeld als de woning in de verkoop staat, maar het nog wel enige tijd duurt voordat deze daadwerkelijk wordt verkocht.

In een uitspraak van het Hof ’s-Hertogenbosch stond de discussie centraal of de huurovereenkomst van rechtswege was geëindigd, nu de vergunning was verlopen.

De feiten zijn als volgt. De gemeente heeft verhuurder een vergunning voor tijdelijke verhuur van een woning verleend voor maximaal 2 jaar. In maart 2012 hebben partijen een schriftelijke huurovereenkomst gesloten, lopende van 1 maart 2012 tot 28 februari 2014 (2 jaar). De huur kan telkens worden verlengd voor 1 jaar met een maximum van 5 jaar. Huurder weet dat de woning in de verkoop staat.

In mei 2013 heeft verhuurder de huurder laten weten dat de huur van rechtswege – zonder dat opzegging is vereist  – eindigt op 28 februari 2014. Huurder is niet akkoord met deze mededeling. De kantonrechter heeft in eerste aanleg de vordering van de verhuurder tot ontruiming van de woning toegewezen.

De huurder gaat in hoger beroep. Hij stelt onder meer dat sprake is van een reguliere huurovereenkomst, nu niet is voldaan aan de wettelijke vereisten uit de Leegstandwet. Huurder was onder andere niet bekend met de vergunning en wist ook niet voor welke termijn deze vergunning is verleend. Het hof oordeelt dat wel aan de vereisten uit de Leegstandwet is voldaan:

  • Uit deze wet volgt niet dat aan de huurder een afschrift van de vergunning moet worden verstrekt.
  • De wet stelt geen eis van synchronie: de vergunning is afgegeven voor de duur van 2 jaar. De huur is kort na afgifte van de vergunning ingegaan.
  • De verhuurder hoefde de huur niet op te zeggen. Op basis van de Leegstandwet eindigt de huurovereenkomst op het tijdstip waarop de vergunning haar geldigheid verliest.
  • De leegstandwet is weliswaar per 1 juni 2013 gewijzigd, waardoor de maximale  vergunningsperiode niet 2 maar 5 jaar is geworden, doch ten tijde van het aangaan van de huurovereenkomst gold deze wijziging in de Leegstandwet nog niet. Feit dat de werkingsduur van de vergunning is verlengd tot 5 jaar, brengt niet mee dat de huurtermijn automatisch is verlengd tot 5 jaar.

Volgens het hof heeft de huurder niet kunnen aantonen dat partijen hebben beoogd een huurovereenkomst voor 5 jaar te sluiten. Het hof bekrachtigt het oordeel van de kantonrechter.

Bij vragen over tijdelijke huur of verhuur van woonruimte op basis van de Leegstandwet, kunt u contact opnemen met Marloes Noordam, advocaat huurrecht

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?