Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
IT, IE & Privacy

Beslag op een merkrecht

Teun Pouw

31 oktober 2014 - 2 minuten leestijd

Regelmatig staan ondernemingen met lege handen als blijkt dat bij de wederpartij “niets te halen” valt. Veelal beschikken dergelijke (al dan niet vermeend) insolvabele partijen echter over IE-rechten, waar de schuldeiser zich nog op kan verhalen.

Aan IE-rechten (bijvoorbeeld merkrechten of auteursrechten) kan in veel gevallen immers – soms aanzienlijke – waarde worden toegekend. Bovendien doet het schuldenaar veelal flink “pijn” indien een ander aan deze IE-rechten komt en blijkt er dan ineens toch nog een potje gevonden te kunnen worden. Het is daarom goed te beseffen dat ook op merkrechten (en auteursrechten) beslag kan worden gelegd. Art. 3:276 BW bepaalt namelijk dat een schuldeiser zijn vordering op alle goederen van de schuldenaar kan verhalen. Een merk is een vermogensrecht (en dus een goed) en op een merkrecht kan dus beslag gelegd worden. Het Beneleux-Verdrag inzake de Intellectuele Eigendom (“BVIE”) wordt het beslag ook expliciet genoemd (in de artt. 2.25 lid 2 en 2.33, tweede zin BVIE).

Bij het leggen van beslag op een merk spelen wel wat procesrechtelijke  en internationaal privaatrechtelijke aspecten. In geval van een Benelux-merk moet bijvoorbeeld eerst worden nagegaan welk nationaal rechtstelsel op het merk van toepassing is. Als dat het Nederlandse rechtstelsel is, kan verlof voor beslag worden gevraagd aan de Nederlandse rechter. Als het echter gaat om een Beneluxmerk van een Belgische merkhouder, zal een beslag (en de tenuitvoerlegging van een verlof) moeten worden behandeld naar Belgisch recht. Voor Gemeenschapsmerken gelden afwijkende (internationaal privaatrechtelijke) regelingen.

Voor wat betreft de wijze van beslaglegging geldt dat in Nederland artikel 702 en 474bb van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering een grondslag bieden voor respectievelijk een conservatoir dan wel een executoriaal verhaalsbeslag op een merk. Van belang hierbij is uiteraard dat de deurwaarder op de juiste wijze moet worden geïnstrueerd. In dit verband dient de plaats te worden bepaald “waar het merkrecht zicht bevindt”. In dit verband wordt wel aangenomen dat dit ter plaatse is van de woonplaats van de merkhouder in Nederland en bij gebreke daarvan bij het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (“BBIE”). In de literatuur wordt hier overigens wel verschillend over gedacht. Van belang is nog dat voor zogenaamde derdenwerking –derhalve om jegens derden met succes een beroep op het gelegde beslag te kunnen doen – vereist is dat het beslag wordt ingeschreven in het merkenregister. Soms blijken na het leggen van beslag verdere (executie)maatregelen overigens niet nodig, aangezien het beslag aanleiding kan zijn voor de schuldenaar alsnog over de brug te komen c.q. een regeling te treffen.

Teun Pouw, advocaat IE-recht

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?