Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Arbeid, Medezeggenschap & Pensioen

Roomser dan de paus?

Arbeid, Medezeggenschap & Pensioen

Henriëtte van Baalen

30 januari 2014 - 2 minuten leestijd

Hoe een tuchtrechtelijke uitspraak over het vergoeden van de kosten van de werknemersadvocaat invloed heeft op de dagelijkse praktijk van de arbeidsrechtadvocaat en op de partijen. De werkgever én werknemer. Terecht of onterecht?

Op 2 december 2013 heeft de hoogste tuchtrechter uitspraak gedaan over de wijze waarop de advocaat van een werknemer zijn of haar kosten bij de werkgever in rekening kan brengen. Gangbaar is dat de advocaat de factuur op naam van de werkgever stelt. Die kan btw verrekenen. De wijze waarop deze afspraak tot stand komt, kent vele varianten. Uit de uitspraak van de tuchtrechter volgt dat de werkgever zeker de kosten mag vergoeden. De btw aftrek kan echter alleen als de werkgever vooraf een opdracht tot verlenen van diensten heeft gegeven aan de advocaat van de werknemer, zo zegt de tuchtrechter. En laat dat in de praktijk nu vaak gebeuren. Alleen wellicht (nog) niet heel expliciet. Mijn ervaring is dat veel (de meeste?!) werkgevers hun werknemers adviseren een advocaat te raadplegen, bijvoorbeeld als de werkgever de arbeidsovereenkomst wil beëindigen. En dat de werkgever bereid is de kosten daarvan – tot een zekere hoogte – te vergoeden. Zorgvuldig werkgeverschap noemen we dat.

De uitspraak goed lezend zou in deze situatie de oplossing kunnen zijn dat de werknemer wordt gevraagd welke advocaat hij/zij wil raadplegen. En dat, vóórdat de werknemer zijn advocaat inhoudelijk raadpleegt, de werkgever expliciet de opdracht verstrekt aan de door werknemer gekozen advocaat. Volgens mij is daar niets mis mee. De overeenkomst van opdracht ontstaat tussen de werkgever en de advocaat van werknemer. De opdracht luidt: adviseer mijn werknemer zo goed mogelijk op arbeidsrechtelijk gebied zodat deze weet wat zijn/haar rechten en verplichtingen zijn. Dat de werkgever geen invloed heeft op wát de advocaat adviseert, sterker nog, daar helemaal geen kennis van krijgt, doet mijns inziens niet ter zake. Het gaat erom dat de werknemer goed geholpen wordt. Deze overeenkomst van opdracht is vergelijkbaar met die van de (loopbaanbegeleidings)coach die door de werkgever ingeschakeld wordt voor de werknemer. Van de inhoud zal de werkgever niet op de hoogte zijn. Toch is deze opdrachtgever en zal de werkgever de btw voor deze kosten mogen aftrekken bij de Belastingdienst. Niets mis mee en uiteraard toegestaan. Het zou zonde zijn – en in strijd met goed werkgeverschap –  als deze ‘praktijk’ niet meer zou mogen. Werknemers, werkgevers én arbeidsrechtadvocaten hebben belang bij een helder standpunt van de Belastingdienst in deze. Wie maakt deze afspraak? Het bijzondere is namelijk dat als een vrijgevestigd jurist  – geen advocaat – deze afspraak maakt, er geen tuchtrechtelijke haan naar zal kraaien.

Zijn advocaten roomser dan de paus?

Henriëtte van Baalen, advocaat en mediator De Clercq, Leiden

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?