Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
Franchiserecht

Hoge Raad: geen huurovereenkomst, toch gebruiksvergoeding betalen!

Jan-Willem Kolenbrander

18 november 2013 - 2 minuten leestijd

Ondanks dat er uiteindelijk geen huurovereenkomst tot stand is gekomen tussen een hoofdverhuurder/eigenaar en een franchisenemer oordeelde de Hoge Raad dat het rechtens juist is als de franchisenemer een gebruiksvergoeding zou voldoen aan de hoofdverhuurder/eigenaar.

Zoals bekend, is er binnen een franchise samenwerking tussen een franchisegever en een franchisenemer vaak sprake van een zogenaamde ‘onderhuur-constructie’. In die situatie huurt de franchisegever (als hoofdhuurder) een bedrijfsruimte van de hoofdverhuurder/eigenaar. De franchisegever verhuurt deze bedrijfsruimte vervolgens onder aan de franchisenemer (de onderhuurder). Er kan op enig moment een situatie ontstaan dat het wenselijk c.q. noodzakelijk is dat de franchisegever er ‘tussenuit glipt’ en dat de franchisenemer en de hoofdverhuurder/eigenaar rechtstreeks met elkaar contracteren. Daarvan was sprake in een kwestie die de Hoge Raad onder ogen kreeg (ECLI:NL:HR:2013:BZ1782).

Credit Suisse was in die kwestie de hoofdverhuurder/ eigenaar van een bedrijfsruimte die zij had verhuurd aan Subway. Subway verhuurde deze bedrijfsruimte vervolgens onder aan een franchisenemer. Op enig moment kwam de hoofdhuurovereenkomst ten einde en gingen franchisenemer en Credit Suisse rechtstreeks in onderhandeling om tot een nieuwe huurovereenkomst te kunnen komen. Partijen konden echter niet tot overeenstemming komen, waardoor er (dus) geen nieuwe huurovereenkomst tot stand kwam. De franchisenemer ontruimde vervolgens de bedrijfsruimte.

Omdat de onderhandelingen ruim een jaar hadden geduurd, vorderde Credit Suisse een verbruiksvergoeding voor deze periode. Dat was in de visie van Credit Suisse gerechtvaardigd nu de franchisenemer in die periode gewoon gebruik had kunnen maken van het gehuurde. Bij de rechtbank te Rotterdam vond Credit Suisse een gewillig oor, doch het Gerechtshof te Den Haag wees de vordering van Credit Suisse alsnog af. De Hoge Raad als hoogste instantie is echter van mening dat de franchisenemer een gebruiksvergoeding verschuldigd is aan Credit Suisse, omdat hij na het einde van de huurovereenkomst is blijven ‘zitten’ in de bedrijfsruimte.

Aangezien het normaal is in het maatschappelijke verkeer dat er betaald wordt voor gebruik van bedrijfsruimte is een gebruiksvergoeding verschuldigd, aldus de Hoge Raad. Deze insteek is redelijk te noemen, omdat er wordt uitgegaan van het adagium dat ‘de gebruiker betaalt’.

Jan-Willem Kolenbrander, advocaat franchiserecht

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?