Advocaten en notariaat in Leiden en Den Haag
Menu
IT, IE & Privacy

Akkoord bereikt door bibliotheken en uitgevers over e-books

18 juli 2013 - 3 minuten leestijd

Samenwerking
“Openbare bibliotheken en WPG Uitgevers gaan samenwerken” meldde de Stichting Bibliotheek.nl (BNL) eind juni op haar site. Doel van de samenwerking is, dat bij de lancering van het e-bookplatform van de openbare bibliotheken dit najaar minimaal 1.000 extra e-booktitels verschijnen. Het gaat dan om zowel titels van ouder dan 1 jaar als ook om titel die enkele tientallen jaren oud zijn.

Het betreft al met al “een mooie selectie uit de canon van de Nederlandstalige literatuur”. De door de bibliotheken te betalen licentievergoeding bestaat uit een vaste vergoeding ter dekking van de initiële kosten van de uitgever met daar bovenop een variabele vergoeding, als het aantal uitleningen oploopt. Dit voornemen is nu nog in een intentieovereenkomst vastgelegd; de definitieve overeenkomst zal in het najaar worden getekend, als alle titels bekend zijn.

Leenrecht
Met dit akkoord is een belangrijke mijlpaal bereikt in een langdurige “touwtrekkerij” tussen de bibliotheken en uitgevers rond de uitleen van e-books. Op grond van het zgn. “leenrecht” is (sinds medio de jaren 90) voor het uitlenen door openbaar toegankelijke bibliotheken geen voorafgaande toestemming van de rechthebbende verschuldigd, mits daarvoor een redelijke vergoeding wordt betaald (artikel 15c Auteurswet). Oorzaak van deze discussie was dat in de Auteurswet niet duidelijk geregeld is of het leenrecht ook betrekking heeft op het uitlenen van digitale vormen van werken (e-books), of dat het leenrecht alleen betrekking heeft op papieren boeken.

Rapport OCW
Om aan deze onduidelijkheid een einde te maken, heeft het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) laten onderzoeken, of het uitlenen van digitale werken (e-lending) door openbare bibliotheken onder de regeling van het leenrecht in de Auteurswet kan vallen. Ook is onderzocht of het Europese auteursrechtelijke kader ruimte laat voor een nationale wettelijke uitzondering in het auteursrecht. Begin van dit jaar werden de uitkomsten van dit onderzoek in de vorm van het rapport “Online uitlenen van e-books door bibliotheken” aan de Tweede Kamer aangeboden.

Volgens het rapport moet uit de tekst en de geschiedenis van de huidige Auteurswet worden geconcludeerd dat de wet alleen betrekking heeft op het uitlenen van stoffelijke (fysieke) exemplaren van werken en daarmee geen ruimte laat voor e-lending. Ook het Europese auteursrechtelijke kader (zoals de Richtlijn verhuurrecht en uitleenrecht en de Auteursrechtrichtlijn van 2001) biedt volgens het rapport bibliotheken geen ruimte om aan hun leden e-books online ter beschikking te stellen.

De minister concludeert derhalve dat het bestaande Europese kader van richtlijnen op het terrein van het auteursrecht geen ruimte laat voor invoering op nationaal niveau van een wettelijke uitzondering die e-lending door openbare bibliotheken – al dan niet tegen vergoeding – toestaat . Dit betekent volgens de minister dat het uitlenen van e-content door openbare bibliotheken zal moeten plaatsvinden op basis van contractuele afspraken tussen betrokken partijen zoals auteurs, uitgevers, rechtenorganisaties, distributeurs en bibliotheken.

Uitgevers weinig coöperatief
Omdat uitgevers vrezen dat een aantrekkelijk uitleenaanbod van e-books zal leiden tot omzetderving, oftewel tot “kannibalisatie” hebben zij zich in het verleden niet bijzonder coöperatief getoond ten opzichte van het streven van de bibliotheken naar een transitie van fysiek naar digitaal.

Bibliotheekwetgeving
De minister zal met de bevindingen en conclusies uit het rapport rekening houden met de door haar aangekondigde bibliotheekwetgeving die na de zomer naar de Tweede Kamer zal worden gezonden. Onderdeel van het wetsvoorstel vormt regelgeving met betrekking tot één digitale bibliotheek Nederland voor het algemene publiek, waarvoor de Koninklijke Bibliotheek verantwoordelijk zal zijn. In de memorie van toelichting op het wetsvoorstel heeft de minister voorts aangegeven dat de Rijksoverheid de voortgang van de contractuele afspraken tussen de betrokken partijen zal volgen en daarin een faciliterende rol kan spelen. In het hiervoor genoemde rapport is de conclusie (blz. 59) met ferme taal aangegeven: “Indien initiatieven niet van de grond komen of door onredelijke posities van partijen worden geblokkeerd, is denkbaar dat de overheid bij de onderhandelingen tussen partijen een faciliterende rol speelt”.

Compromis
Dankzij het tussen BNL en WPG bereikte akkoord hopen de bibliotheken aan het einde van het jaar tussen 2000 en 3000 e-books te kunnen aanbieden. Deze zijn niet downloadbaar, maar kunnen op pc’s en mobiele apparaten worden “gestreamd”. E-readers kunnen daarbij niet worden gebruikt. Dit onderhandelingsresultaat is weliswaar niet optimaal, maar gezien de terughoudendheid van de uitgevers een mooie deal, aldus de woordvoerder van de Vereniging van Openbare Bibliotheken, Francien van Boehemen.

Mede gezien de plannen van OCW voor het oprichten van één digitale bibliotheek en het belang dat de minister aan e-lending hecht, zal de druk op uitgevers toenemen hun afwerende houding te laten varen. Het tussen BNL en WPG bereikte akkoord is in ieder geval een stap in de goede richting.

Donata Lex, advocaat ICT

Blijf op de hoogte

Ontvang de laatste updates en de beste tips in je inbox

Ook interessant?